Berichten weergeven met het label philip. Alle berichten weergeven
Berichten weergeven met het label philip. Alle berichten weergeven

zaterdag 12 juli 2008

Klimwand vlakbij huis

Een kleine maand geleden schreef ik over de nieuwe inrichting van het kinderspeelpleintje vlakbij huize Rijstveld. Vanmiddag heb ik weer een feature daarvan ontdekt. Ik was bezig om de slackline in de achtertuin op te hangen. Maar toen declameerde Philip dat hij wilde fietsen. En ik moest mee. Dus de slackline moest wachten.

In de eerdere reportage noemde ik de boulderstenen al. Maar er is meer. Zoals een grote schommel, een huisje en een klauterding met onder meer een glijbaan.

Het nieuwe klauterding

Maar is iets merkwaardigs met dat klauterding. Ik vroeg me al een tijdje af wat die schuine plaat aan de linkerkant zou kunnen zijn. Eindelijk weet ik het: het is een klimwand!

Klimwand

Philip had weinig aanmoediging nodig om 'm te beklimmen:



(Dat was overigens de tweede poging. De eerste poging mislukte. En tijdens latere pogingen werd de klimtechniek steeds beter. Ook dat is online te bewonderen.)

En wat doe je als je boven bent? Dan ruim je je karabiners netjes op.

Bovenaan de klimroute

En voor de oplettende lezertjes: zo vader, zo zoon (hoi, Abby).

maandag 7 juli 2008

Vlucht CI65 is niet geannulleerd

Het gaat niet altijd mis.  Lien en Philip zijn zondag zonder problemen teruggekomen uit het verre oosten.  't Enige was dat ik bijna twee uur bij Aankomst 3 op Schiphol moest wachten voordat ze eindelijk naar buiten kwamen.  Gelukkig had ik Guards! Guards! (nog onaangebroken) bij me, zodat ik me wel heb vermaakt.

Tot mijn verbazing spreekt Lien nog steeds relatief goed Nederlands.  En Philip heeft een heleboel Lao-woordjes geleerd.  Die probeert hij nu aan de buurjongetjes te leren.

zaterdag 7 juni 2008

Fietsband oppompen

Zoals de oplettende lezertjes van dit blog weten heeft Philip een fiets. Daar is hij heel blij mee, hij fietst er graag op.

Hij doet ook graag zelf het onderhoud. En hij toont voldoende initiatief. Zo besloot hij vandaag dat de banden opgepompt moesten worden. Die waren inderdaad een beetje zacht. Nou zijn de banden van zo'n kleine fiets niet zo groot, dus die zijn gauw volgepompt. Althans, als ik hem help, want zelf is hij nog niet sterk genoeg om de pomp effectief te laten pompen.

Band oppompen

dinsdag 3 juni 2008

Chips eten om groot te worden

Uit mijn dagboek van de vakantie in Laos, dinsdag 25 maart:
Lien had gisteren een paar kleine zakjes chipjes gekocht. En dat lust Philip wel. Let op: alles wat je zegt zal tegen je gebruikt worden. Als Philip moet eten dan zeg ik wel eens dat hij daardoor groot wordt. Dus wat zei hij vanochtend? “Philip moet groot worden. Philip moet eten. Chips.”

dinsdag 27 mei 2008

Cijfers omdraaien

Philip wil voor het slapen gaan vaak nog even een boekje lezen. Bijvoorbeeld zijn boekje met cijfers. Er staat steeds op de linkerpagina een cijfer en op de rechterpagina een tekening met zoveel dingen. Eén ballon. Twee vliegers. Drie beren. Tot en met twaalf. (Ja, ik weet het. Tien, elf en twaalf zijn geen cijfers maar getallen.)

Hij kent de meeste cijfers al heel goed. Hoewel hij de 4 soms vijf noemt. En de 7 noemt 'ie vaak negen. Ik weet niet of hij zich dan echt vergist, of dat hij mij aan het plagen is.

Laatst liet ik hem zien dat je een cijfer ook kan omdraaien, door het boekje op z'n kop te houden. De 6 wordt dan een 9. Dat vond hij fascinerend. Hij ging het meteen met andere cijfers proberen. Hee, wat leuk, de 5 blijft een 5. Toen probeerde hij de 7, en hij riep meteen dat dat een L wordt. Maar dat de 3 een E wordt, daar is hij het nog niet helemaal mee eens.

dinsdag 20 mei 2008

Philip's oren

Het gebeurt de laatste tijd regelmatig dat Philip ons niet hoort. Als we hem iets vragen, of als we zeggen dat hij iets moet doen, of als we zeggen dat hij iets juist niet mag doen. Gelukkig is dat normaal gedrag voor een peuter. Hij hoort ons heus wel, hij negeert ons gewoon. Althans, dat hoop ik dan maar. Soms is hij wel heel volhoudend met dat negeren. Dan denk ik bijna dat hij ons echt niet hoort, dat er toch iets mis is met zijn oren.

Gelukkig zijn z'n oren prima in orde. Dat is makkelijk te bewijzen. Hij lust namelijk graag cola, maar dat mag hij niet (althans, niet zo vaak). Dus als ik een glaasje cola voor mezelf pak, dan doe ik dat in de keuken, en dan giet ik het bij voorkeur in een ondoorzichtig glas. Zodat Philip, in de huiskamer, niet op ideeën wordt gebracht. Want dan gaat hij zeuren. En dan moet ik wel weer heel opvoedkundig gaan doen enzo.

Maarja, een colafles zegt pfft als je 'm open doet. Als 'ie dat niet zegt dan is de cola niet meer lekker. En dat pfft, dat hoort Philip dus, he. Zelfs als er allerlei herrie in de huiskamer is. En dan roept hij meteen, heel vriendelijk, dat hij ook graag cola wil. Ik probeer het zo stil mogelijk te doen, heel langzaam de dop open draaien enzo, maar toch heeft 'ie het meestal wel in de gaten. Een hele geruststelling.

donderdag 8 mei 2008

Pleisters plakken

Philip heeft pleisters ontdekt. Die helpen tegen elk pijntje.

Laatst had Philip geprobeerd Hobbes te aaien, maar Hobbes was daar even niet van gediend. Resultaat: een hard huilende Philip. En een poes die ontspannen bleef zitten. Er was een schammetje, maar het was nauwelijks te zien. Philip stond erop dat er een pleister op geplakt werd. Nou, vooruit dan maar. Vervolgens kon hij zijn vinger niet meer buigen, maar dat vond hij niet zo erg.

Ik ging weer in de tuin werken, en Philip ging even in de huiskamer rommelen. Na een paar minuutjes kwam hij triomfantelijk naar buiten. Hij had nóg ergens pijn, en hij had er zelf een pleister op geplakt.

Hoe meer pleisters, hoe beter


Een paar dagen later. Philip klaagt opeens over keelpijn. Nah, Lien is een beetje verkouden, misschien heeft hij daar wat van opgepikt. Maar wat doe je nou aan keelpijn? Een pleister op je keel plakken, natuurlijk. En dat mocht papa niet doen, nee, dat moest Philip zelf doen.

Pleister tegen de keelpijn

maandag 5 mei 2008

Vientiane

Vientiane is de hoofdstad van Laos. Het is een rustige stad; er gebeurt niet veel. Je kan 's avonds lekker door het centrum wandelen. 's Middags is het daar te heet voor.

Er staan allerlei heel oude bouwsels, er zijn koloniale gebouwen en ik zie ook steeds meer moderne gebouwen. Vanuit ons eerste hotel hadden we uitzicht op de That Dam. Dat is een oud boeddhistisch bouwsel. Er gaan geruchten dat er een draak in woont, ofzo. Het staat gewoon ergens op een rotondetje en ik heb er nooit iets bijzonders zien gebeuren.

That Dam


De Talat Sao is dé markt hét winkelcentrum van Vientiane. Je kan er bijna alles kopen, van ingrediënten voor je avondmaaltijd (inclusief allerlei insecten) via kleren en mobiele telefoons tot enorme koelkasten. De winkels zijn niet groot, het zijn eigenlijk gewoon veredelde marktstalletjes. Veel winkeltjes verkopen precies hetzelfde als het winkeltje ernaast. Het is binnen overal rommelig, en er zitten ook buiten veel handelaartjes op de stoep.

Mandjes voor de kleefrijst


Laos was ooit een Franse kolonie. Je kan er nog steeds prima stokbrood kopen. Niet alleen bij de Talat Sao, maar ook op allerlei andere plekken.

Stokbrood bij de Talat Sao


Sinds mijn vorige bezoek aan Laos, vier jaar geleden, hebben ze een nieuwe vleugel bij de Talat Sao gebouwd die er heel modern uitziet. Met airco en parkeerdek.

Blinkende deuren van de Talat Sao


In die nieuwe vleugel zit ook een mooi restaurantje. Je kan er Lao eten krijgen, maar ook westers eten. Het oude restaurantje, waar ze alleen maar Lao eten hadden en waar ik zo graag kwam, heb ik niet meer gezien.

Restaurantje in Talat Sao


Philip vond het ook wel leuk in Vientiane. Hij wandelde vrolijk rond op zijn sandaaltjes.

Philip bij de parkeerplaats van het hotel


Philip reisde bij voorkeur per tuktuk. Die zijn er genoeg in Vientiane. Meestal stond hij erop dat hij, en niet mama, de chauffeur betaalde.

Tuktuk


't Is tropisch en er groeit dan ook van alles. Philip raapt graag bloempjes op, die hij dan aan mama aanbiedt.

Bloempjes voor mama


Er zijn natuurlijk ook kappers in Vientiane. Lien vindt de kappers in Nederland niet zo goed en wel heel duur, dus ze maakte uitgebreid van de gelegenheid gebruik. Ze heeft minstens vier uur aan één stuk bij de kapster gezeten. Het resultaat was dan ook wel mooi.

Lien na vier uur bij de kapper


In al die uren hebben Philip en ik ons ook maar laten knippen. Philip keek daar nogal zorgelijk bij. Nou heb ik 'm in Nederland nooit bij een kapper gezien (daar was Lien tot nu toe altijd bij), dus misschien is dat zijn gebruikelijke houding ten opzichte van kappers.

Philip wordt geknipt


De kapper stelde voor dat 'ie mij ook zou scheren. Maar de man sprak alleen maar Lao, dus dat snapte ik niet meteen. En Lien had ja gezegd voordat ik het begreep. Hij begon met een tondeuse de baard van drie weken af te scheren, maar na een tijdje kiepte de stoel achterover en kwam het barbiersmes tevoorschijn. Slik. (Zoals Akshay zegt, als hij zich in India laat scheren: als ze met een vlijmscherp mes in razendsnelle bewegingen rakelings langs je halsslagaderen gaan, dan moet je je gewoon ontspannen.)

Ik ben geknipt en word geschoren


Laos was een Franse kolonie, zoals ik hierboven al aangaf. Ze hebben in Vientiane zelfs een Arc de Triomphe gebouwd, en die staat ook nog in het midden van een enorme rotonde. Ze noemen 't de Patuxay. Men is er niet bijster trots op; het bordje met uitleg dat erop zit heeft het over “a monster of concrete”. Maar het is wel een imposant gebouw. En vanaf bovenop heb je een leuk uitzicht.

Patuxay


De Patuxay heeft tegenwoordig zelfs een leuke fontein. 't Was al donker aan het worden toen 'ie aangezet werd, en dan is het lastig om te fotograferen. De foto hieronder doet dan ook niet echt recht aan de fontein. Er zijn honderden spuitmonden, die in een leuke choreografie een mooi waterballet opvoeren. En er zijn begeleidende ondergedompelde lampjes in diverse kleuren. Bovendien is het er gewoon heel gezellig. Er zitten en wandelen allemaal mensen, die heel ontspannen niks doen. Zowel Lao als buitenlanders.

Fontein bij de Patuxay

Allemaal vliegtuigjes

We hebben op vakantie nogal wat vliegtuigen van binnen gezien. Het begon groot, werd steeds kleiner, en werd toen weer groter. We hebben ook zoveel mogelijk verschillende luchtvaartmaatschappijen genomen.

De langste vlucht was natuurlijk die van Schiphol naar Bangkok. Daar namen we dan ook het grootste vliegtuig voor, een Boeing 747 van China Airlines. Philip vermaakte zich kostelijk aan boord. We hadden eigenlijk helemaal geen last van hem. De meneer naast hem ook niet. Waarschijnlijk heeft die meneer geen kinderen, en vond hij alle interrupties van Philip nog wel grappig.

In de Boeing 747 van Schiphol naar Bangkok


We gingen meteen door van Bangkok naar Vientiane. Met een Boeing 737 van Thai Airways. Dat heeft Philip niet meer helemaal meegekregen, want hij viel al gauw in slaap.

In de Boeing 737 van Bangkok naar Vientiane


We bleven ruim een week om en in Vientiane, en daarna vlogen we naar Xieng Khouang. Met een MA60 (een toestel van Chinese makelij) van Lao Airlines. Het was het kortste vluchtje van allemaal, minder dan 200 km.

Met deze MA60 van Vientiane naar Xieng Khouang


Daarna gingen we een stuk met de auto, zodat het volgende vliegtuig waar we instapten, anderhalve week later, van Sam Neua vertrok. Dat was een Cessna Grand Caravan van Lao Air, waarmee we naar Vientiane vlogen. Leuk hoor, zo'n klein vliegtuig. Het uitzicht was prachtig. We konden net niet de boom- en bergtoppen aanraken. En we konden de piloten goed in de gaten houden.

(De oplettende lezertjes hebben gezien dat deze (binnenlandse) vlucht door een andere maatschappij werd uitgevoerd dan de vorige (ook binnenlandse) vlucht.)

Uitzicht uit de Cessna


We hadden daarmee ook het kleinste formaat vliegtuig bereikt. De jumbo jet kan enkele honderden mensen vervoeren, de 737 ruim honderd, de MA60 een stuk of 50, en in de Cessna passen niet veel meer dan 10 mensen (plus eventueel kleine kinderen die je op schoot neemt).

Het is van Sam Neua naar Vientiane hemelsbreed ongeveer 300 km, dus een stuk verder dan de vorige vlucht. Sterker nog: we vlogen zo ongeveer over het vliegveld van Xieng Khouang heen. Waarom dan toch in zo'n klein toestel? In ieder geval omdat het vliegveld van Sam Neua nogal in de bergen ligt; er kunnen alleen kleine vliegtuigjes landen en opstijgen.

Met deze Cessna Grand Caravan van Sam Neua naar Vientiane


Van Vientiane terug naar Bangkok ging weer met een Boeing 737. Het vele vliegen begon al helemaal te wennen.

Met deze Boeing 737 van Vientiane naar Bangkok


En terug van Bangkok naar Amsterdam hadden we weer een Boeing 747. Philip is duidelijk een ervaren luchtreiziger geworden.

In de Boeing 747 van Bangkok naar Schiphol


Philip is ook heel erg safety-bewust. Hij stond erop dat zijn riem goed werd vastgemaakt. En in elk vliegtuig ging hij uitgebreid, en meerdere malen, de kaart met safety instructions bestuderen.

Veiligheid voor alles

zondag 4 mei 2008

Gordels om. Ook achterin

Veiligheid voor alles.

Laatst moesten we even weg met de auto. Philip vond dat Aap mee moest. Die mocht op de achterbank. Maar hij moest wel z'n gordel om.

Gordel om. Ook achterin

vrijdag 2 mei 2008

Smakelijk hapje

We logeerden in Laos onder andere bij tante Soi. Op een avond waren we op bezoek geweest bij tante La, en toen we weer terug kwamen bij het huis van Soi zaten een paar mensen lekkere snacks te eten. Gebakken sprinkhanen.

Smakelijke hapjes


Philip had daar ook wel zin in. Hij kreeg er meteen eentje aangeboden en at 'm smakelijk op. En daarna nog een.

Philip lust ze wel


Ik twijfelde zelf nogal. Maar één van mijn (zij het minder gebruikte) motto's is “je leeft maar één keer”, dus ik probeerde het ook. Je eet het net als een garnaal: de harde stukjes breek je eraf. Wat overblijft is zacht en is niet vies. Het smaakt eigenlijk nergens naar.

Schoenen moeten in de kast

Opvoeden is soms oorlog voeren. Zo hebben we laatst de veldslag “schoenen opruimen” gevoerd. Die heb ik met enige moeite gewonnen.

In Laos is het de gewoonte dat je je schoenen (of teenslippers) uit doet als je ergens naar binnen gaat. Die gewoonte heeft Lien al lang geleden in huize Rijstveld geïntroduceerd. Maar het werd al gauw een bende in de gang; er ging allerlei schoeisel zwerven. Toen heb ik maar een schoenenkastje in elkaar getimmerd.

De schoenenkast


Philip trok zich nooit veel van het schoenenkastje aan. Eerst hielp papa of mama hem met het uittrekken van zijn schoenen, en dan ruimde papa of mama de schoenen ook maar meteen netjes op. Maar op een gegeven moment kon (en wilde) hij zelf zijn schoenen uit doen. Dat gaat als volgt: hij maakt het klitteband los, en gaat dan net zolang trappen met zijn voeten tot de schoenen losvliegen en ergens aan de andere kant van de gang (of de kamer) liggen.

Dat kon zo niet doorgaan. Dus niet zo lang geleden begon ik hem uit te leggen dat hij zelf zijn schoenen netjes moest opruimen. De eerste reactie was: “nee, hoor”. Maar ik hield voet bij stuk. Philip mocht pas de huiskamer in als zijn schoenen in het kastje stonden. Hij probeerde allerlei tactieken, onder meer huilen, lief lachen, mij negeren, boos worden en stampen, beweren dat hij écht niet bij zijn schoenen kon (die lagen wel 30 cm verderop), beweren dat hij het in het algemeen helemaal niet kon, de schoenen wel optillen maar dan vlak voor de kast weer uit zijn handen laten vallen. Het duurde een paar dagen, met lange sessies, maar uiteindelijk begreep hij dat het menens was. Sindsdien zet hij ze netjes in de kast.

Het is nog wel even vermeldenswaardig hoe hij ze in de kast zet. Hij maakt het klitteband los, zet zijn schoen met voet en al in de kast (helemaal op het tweede plankje), en wurmt dan zijn voet uit zijn schoen.

donderdag 1 mei 2008

Philip's autootjes

Philip heeft een heleboel autootjes (en een paar motorfietsjes, en zelfs een tuktukje). Dit zet hij graag achter elkaar. Op de bank bijvoorbeeld. En dan is het een treintje geworden. Vervolgens duwt hij met veel plezier tegen de achterste, zodat ze één voor één op de grond vallen.

De laatste tijd is hij meer bezig met - ehm - onderzoeken. Hij onderzoekt hoe de autootjes in elkaar zitten. Of beter gezegd: hoe ze uit elkaar kunnen. En dan mag papa ze weer in elkaar komen zetten. Als dat nog kan. Als er geen cruciale onderdelen ontbreken. Zo heeft de zwarte auto geen vooras meer.

Treintje


Vroeger deed ik dat soort dingen ook. Met wekkers. Die goeie ouwerwetse mechanische dingen, die je elke dag moest opwinden en die tik-tik-tik zeiden. Ik zette ze ook weer in elkaar. Althans, dat probeerde ik; ik hield wel eens onderdelen over. Maar de wekkers van tegenwoordig zijn allemaal elektronisch, daar is op die manier niet zoveel plezier mee te maken. Hoewel… als het goed is heb ik nog ergens zo'n ouderwetse wekker liggen. Die heb ik jaren geleden van mijn collega's gekregen. Omdat ik heel soms wel eens een heel klein beetje te laat op kantoor kwam, ofzo.

donderdag 17 april 2008

Philip moet naar school

Philip moet naar school. Nee, niet nu al. In december pas. Dan wordt hij vier. Maar hij gaat nu al twee dagdelen per week naar de peuterspeelzaal, en dat noemen we voor het gemak ook school. En daar moest hij vanochtend weer heen.

Het was de eerste keer sinds we terug zijn van vakantie. En hij had helemaal geen zin. Dat verklaarde hij thuis al. En eenmaal bij de peuterspeelzaal was het huilen. Papa mocht écht niet weg. De juf mocht hem écht niet optillen. 't Is niet leuk om je kind huilend achter te moeten laten, maar soms is dat wel het beste.

Philip moet dus in december naar de echte school. We hebben nog niet zoveel activiteiten ondernomen om een school voor hem uit te zoeken. We zijn een keertje bij de Vrije School in Den Haag gaan kijken, een kennis werkt daar. Maar die is een beetje te ver weg. Er is ook een Vrije School in Delft, maar ook die is niet naast de deur. Los van of we de Vrije School geschikt vinden voor Philip is het niet echt haalbaar.

Dus vandaag, nadat we Philip huilend hadden achtergelaten op de peuterspeelzaal, wandelden we naar de openbare school. Die zit in hetzelfde gebouw als de peuterspeelzaal. Maar het is wel een erg groot gebouw, dus we moesten toch wel zo'n 100 meter lopen.

Ik vond de Vrije School al heel anders dan de lagere scholen waar men in mijn jeugd mij wat heeft proberen te leren. Maar ook de basisschool waar we vandaag waren is totaal niet vergelijkbaar met mijn lagere scholen. En ik heb wel wat vergelijkingsmateriaal. Mijn ouders verhuisden steeds maar, zodat ik er 4 heb versleten. Waarvan eentje zelfs in Zweden. In al die scholen was het eigenlijk hetzelfde: netjes op je stoel, achter je tafeltje, en veel klassikaal luisteren naar de leraar of lerares. De kindertjes moeten tegenwoordig veel meer zelfstandig aan de gang. Ik ben er wel gecharmeerd van.

Een paar uur later ging ik Philip ophalen. Hij zat keurig op zijn stoeltje in de kring te wachten. Toen hij mij zag ging hij enthousiast zwaaien, maar bleef netjes zitten totdat de juf zei dat hij mocht opstaan. Was hij thuis ook maar altijd zo lief en gehoorzaam…

maandag 14 april 2008

Weer thuis

We zijn weer veilig thuis. Eerst met de taxi door Bangkok, waar ze iedereen nat gooien omdat het binnenkort nieuwjaar is (gelukkig was de taxi voldoende waterdicht). Dan urenlang wachten op het vliegveld, waar ze niet eens een behoorlijke boekwinkel hebben (dat wil zeggen, nergens een Discworld-boek te zien). Tenslotte eindeloos zitten en hangen in het vliegtuig naar Nederland, waar ik geen moment heb kunnen slapen.

Philip kon wel slapen, die past dwars op z'n stoel. Lien kon ook slapen, die past dwars op twee stoelen, zelfs zonder dat Philip (die het benodigde deel van zijn stoel ter beschikking stelde) er last van heeft.

Op Schiphol ging 't ook allemaal goed, hoewel we wat lang op de bagage moesten wachten. Opa kwam ons ophalen. Oma niet, die moest naar de tandarts. Omdat het in Nederland toch wat minder warm is dan in Bangkok moesten we, voordat we in de auto stapten, toch nog even sokken, schoenen en jassen uit de bagage opdiepen.

Even uitrusten bij opa en oma, wachten tot oma terug van de tandarts was, kadootjes geven, en daarna met de eigen auto naar huis. Althans, we moesten van Lien eerst langs de Chinese supermarkt om pepertjes en kleefrijst te kopen. Wat is het verkeer hier op de maandagochtend heerlijk rustig! Althans, vergeleken met het chaotische verkeersbeeld van Bangkok.

Philip begon halverwege de autorit al over “zijn” Playstation te zeuren. Hee, daar had ik hem drie weken niet over gehoord! Eenmaal thuis kon ik echt niet de stapel post gaan doornemen voordat ik de Playstation had aangezet. Inderdaad, we zijn weer helemaal thuis.

donderdag 10 april 2008

Thailandstrand

Het is heet in Thailand. Zeker vergeleken met het noorden van Laos (dat is dan ook subtropisch, terwijl het hier tropisch is - althans, volgens de kaart van Lonely Planet is het daar subtropisch; andere bronnen vinden dat subtropisch pas nog noordelijker begint). Maar ze hebben hier strand en zee en een verkoelend briesje. Dat is wel lekker.

We zijn neergestreken in Cha-Am, een badplaatsje zo'n 100 kilometer ten zuidwesten van Bangkok. Het is hier wel toeristisch, maar dan voor Thai; er zijn nauwelijks westerlingen. Hier in het internet-café spreken ze niet eens behoorlijk Engels. Gelukkig is “internet?” voldoende om duidelijk te maken wat ik wil (dat is in een internet-café natuurlijk al gauw voldoende). Ik maak het de juffrouw nog even moeilijk door te vragen hoeveel het kost (“how much?”), en dat begrijpt ze nog net. Ze heeft dan wat moeite om te zeggen dat het 20 baht per uur is (dat is nog niet eens een halve euro). Ik herken iets dat op “twenty” zou kunnen lijken, en het helpt dat ik weet hoe je “twintig” en “uur” in het Thai zegt. Het gezicht van de juffrouw klaart helemaal op en ze knikt enthousiast.

Het is hier een uur of twee in de middag, en ik ben het strand even ontvlucht. Want ondanks goed insmeren ben ik gisteren toch wat verbrand. Vooral op mijn schouders. Lien en Philip zitten op het strand of in de zee, niet ver hier vandaan. Zij zijn helemaal niet verbrand. En Lien heeft zich niet eens in hoeven smeren.

Lien vermaakt zich kostelijk op het strand. Ze zit heerlijk in een strandstoel, onder de parasolletjes, met allerlei plaatselijk eten voor zich op tafel. Er lopen hier namelijk continu mensen heen en weer met allerlei “lekkers”. Onder meer diverse gefrituurde dingen, waaronder visjes; fruit waarvan ik het bestaan nog niet wist; en flinterdunne koekjes zo groot als een pizza. Ze wil hier nóg wel een week blijven.

En Philip vermaakt zich kostelijk in zee. Althans, zolang papa of mama hem optilt. Want anders is het eng. Hij heeft een water-in-de-oogjes-fobie (heel lastig als we zijn haar willen wassen). Maar de golfjes zijn wel geweldig, daar kan je overheen springen of tegenaan schoppen en slaan. En dan roept hij “spinazie”, of “taartjes” of “ijsjes”. Dat zijn zijn standaard strijdkreten als hij iets of iemand aanvalt, de laatste weken.

Dat brengt me meteen op een andere observatie. Philip wil graag met dieren spelen. Dat beperkt zich tot dieren van het formaat huisdier; formaat rund is eng. Zelfs baby-rund. “Spelen” betekent voor Philip: aanspreken met “wegwezen”, enthousiast eropaf rennen en zo mogelijk een trap uitdelen. Gevogelte en pluimvee zijn dan natuurlijk allang weg, en katten en kleinere honden meestal ook. De wat grotere honden kijken hooguit verbaasd. Het is me tot nu toe gelukt om fysiek contact tussen Philip en dergelijke honden te voorkomen.

Morgen (vrijdag) gaan we met de bus naar Bangkok. Dat kost ons nog geen 300 baht (zes euro). Vanaf het vliegveld naar hier hebben we met de taxi gedaan; dat was wel heel luxe maar daar hebben we dan ook 50 euro voor moeten betalen.

Lien gaat in Bangkok kleren inkopen. In Nederland is ze namelijk vaak veroordeeld tot de grotere kindermaatjes. Ik moet haar een beetje inhouden, denk ik, want we mogen maar zestig kilo meenemen in het vliegtuig naar Nederland, zondagavond laat.

dinsdag 8 april 2008

Frans uit Laos

Het is alweer zover: we vertrekken uit Laos. We zijn nu op het vliegveld van Vientiane, en we hebben zojuist ingechecked voor de vlucht naar Bangkok. Nog een paar daagjes op het strand in Thailand ergens en dan is deze reis weer voorbij. Lien heeft het er al over dat ze een stuk grond en een huis wil kopen in Laos. De familie kan dan daar wonen, en als wij zin hebben om langs te komen dan hebben we altijd een goedkoop verblijf.

De laatste paar dagen hier in Vientiane hebben we eigenlijk niks gedaan. Toerist gespeeld. We hebben wat over de markt geslenterd, een beetje gesightseed. Bij de Patuxai hebben ze nu een leuk vijvertje met een mooie fontijn, honderden spuitmonden in een prachtige choreografie. Foto's volgen.

En we hebben natuurlijk rijst gegeten. Behalve Philip, die wilde alleen maar cola en chips en ijsjes, maar dat mocht allemaal nauwelijks. Dus hij heeft niet zoveel gegeten. Hij klaagt al een tijdje regelmatig over buikpijn en soms heeft hij een beetje diarree (foto's volgen niet). Gelukkig had hij dat vandaag alleen vanochtend. Diarree in het vliegtuig lijkt me niet zo handig.

woensdag 26 maart 2008

De eerste week in Laos

We zijn ondertussen al bijna een week in Laos. Het weer is lekker. Lekker warm vooral, maar zeker niet te heet. En overdag regent het niet. 's Nachts soms wel, en dan soms ook heel hard. Het lijkt onder een dak van golfplaten nog veel harder. En dan kan ik dus echt niet slapen. Als ik al in slaap gevallen was. Ze hebben hier namelijk ook hanen. En die kraaien. Je kent het gezegde: als er één haan kraait, dan volgen er meer. De haan het dichtste bij mij in de buurt was ook nog eens schor.

De eerste dagen waren we te gast bij Broer Soldaat. Die heeft een huisje op enkele tientallen kilometers van Vientiane. Het is hier alsof je in een kinderboerderij woont: overal lopen kippen en eenden. En er wandelt regelmatig een kudde runderen voorbij.

Het huis van Broer Soldaat


Philip vermaakt zich kostelijk. Hij heeft een nieuw spelletje bedacht: water aan het pluimvee geven. Daarvoor heeft hij een beker, die de welwillende vrouw des huizes steeds vult met water. En de inhoud gooit Philip over de beestjes heen. Die het redelijk gelaten ondergaan. Een en ander tot groot vermaak van de omstanders, vooral een babietje.

Ze hebben hier geen waterleiding, maar wel een pomp die het water diep uit de grond oppompt. Elektriciteit hebben dus ze wel. Ruim genoeg voor een kleurentelevisie en een paar ventilatoren.

Het is hier heerlijk rustig. Ik heb volop de tijd om weer eens wat te lezen. Op Schiphol heb ik een boekje van Martin Rees gekocht: Just Six Numbers, over astronomie. Heel boeiend. En ik heb ook drie Discworld-boekjes gekocht; ik moet daar toch ooit eens aan geloven.

Na een paar dagen zijn we naar het huis van Soi gegaan, een zus van Lien. Dat is wat dichter bij Vientiane, maar niet veel. Het huis van Broer Soldaat was een simpel houten huis, met “muren” van vlechtwerk; het huis van Soi is een echt betonnen huis met heuse kamers.

Op de brommer


Ook bij Soi zijn er genoeg eenden en kippen. En een hond. Philip heeft ondertussen een waterpistooltje gekregen van Lien, en daarmee bestookt hij al die dieren. Hier reageren ze een stuk beter; ze fladderen regelmatig op. De hond blijft er gelukkig heel ontspannen onder, die wandelt gewoon weg. Terwijl Philip “wegwezen!” roept.

Het lijkt wel een kinderboerderij


Een andere zus van Lien is On. Zij woont in Vang Vien, en ze is ook een paar dagen op bezoek gekomen. Met haar kindertjes. Waaronder Noei. Philip en Noei sluiten al snel vriendschap. Ze rennen samen rond en halen soms zelfs kattekwaad uit.

Philip en Noei


Weer een paar dagen later gaan we naar Vientiane. Eindelijk kan ik weer eens aan het Internet. Dat heb ik helemaal niet gemist, dat valt me reuze mee. Ze zijn hier ook met de tijd meegegaan: de PC heeft slots voor allerlei soorten memory cards. Maar aargh, ik krijg de xD-kaart van mijn fototoestel er niet in! Gelukkig is er ook een USB-aansluiting. Zo kan ik toch nog een paar fotootjes uploaden voor dit blog.

Het is toch wat lastig om hier met Philip te wandelen. Hij vindt tuktuks geweldig! Elke keer als hij er eentje ziet wil hij instappen.

Philip houdt van tuktuks


Er is wel wat veranderd sinds de vorige keer dat ik hier was. Dat is alweer vier jaar geleden. De Talat Sao is de grote markt hier. Dat was altijd een rommelige markt met losse kraampjes in een grauw betonnen gebouw. Dat is nog steeds zo, voor een deel; maar er is nu ook een modern deel dat er keurig uitziet. Er zijn zelfs glazen deuren met het opschrift “Talat Sao Mall”. En een restaurantje waar je friet kan kopen. Het is nog steeds heel rommelig, dat zal wel typisch zuidoost-azië zijn.

dinsdag 25 maart 2008

Naar Laos

We zijn in Laos. Het was nogal een eind reizen, maar het is gelukt. Eerst met de auto naar opa en oma. Dat ging niet zo best; “ze” hadden de A4 bezaaid met files. Opa en oma brachten ons maar meteen naar Schiphol. Daar waren we toch nog mooi op tijd. We kwamen moeiteloos door de paspoortcontrole, maar bij de “veiligsheidscontrole” moesten we een fles water en de nieuwe pot haargel van Philip inleveren. De pakjes chocomel had ik nog gauw even opgedronken.

De piloot bracht ons netjes naar Bangkok International Airport. Hij deed er alleen wel lang over. Nouja, het is dan ook een heel eind. Het beviel Philip wel, hoewel hij regelmatig vroeg waar de piroot nou ergens was.

Bangkok International Airport


We besloten om meteen door te vliegen naar Laos. Nouja, meteen - we moesten meer dan 4 uur wachten. Hadden we mooi tijd om Soi te bellen. Maar Soi nam niet op. Dan maar Broer Soldaat, die nam wel op. Zodat een hele delegatie ons stond op te wachten bij het vliegveld van Vientiane.

De laatste vlucht was teveel voor Philip. Terwijl hij nog volop vrolijk rondrende in het vliegveld van Bangkok, viel hij in het vliegtuig naar Vientiane al gauw in slaap.

Vanaf Vientiane gingen we per pickup-truck naar het huis van Broer Soldaat. Lien, ik en twee kindertjes (waaronder Philip) voorin; de rest (waaronder oma en een baby) in de bak. Met paraplu's tegen de zon. Het zal tussen een half en een heel uur rijden zijn geweest. Per saldo waren we bijna een etmaal onderweg.

In de pickup-truck

maandag 17 maart 2008

Kermis

Zaterdag moesten we even in Amsterdam zijn. En hee, er was kermis. Wat leuk. We maakten Philip wakker, en jawel, hij was ook geïnteresseerd. Dus hup, de auto geparkeerd, en naar de kermis.

Kermis in Amsterdam


Philip was natuurlijk niet meteen helemaal wakker, en wilde vooral gedragen worden. En hij wilde eerst nog helemaal niks. Nou, dan maar het reuzenrad in, dat is makkelijk en leuk.

Dat reuzenrad is hoog, he


Als je eenmaal in het reuzenrad zit, dan kan je er niet meteen weer uit. En als je dan ziet dat het ding met spanbanden in elkaar zit… (Gelukkig zag ik maar één spanband, en zo te zien was die er alleen maar om een buisje vast te houden.)

Zit dat reuzenrad met spanbanden in elkaar?!


Na het reuzenrad zag Philip autootjes, daar wilde hij wel in. Mama wilde ook, maar het was alleen voor kindertjes (van 2 tot 12). Philip was nog steeds niet helemaal wakker, en hij had het misschien ook een beetje koud, dus hij vond het toch wel een beetje lastig. Gelukkig concentreerde hij zich op het sturen. Niet dat dat nodig was, maar dat geeft niet.

Philip moet sturen


Ondanks dat hij het niet geweldig vond wilde hij ook in de andere autootjes. Dit keer mocht mama wel mee. Philip vond dat hij moest sturen (ook al had mama ook een stuur, en ook al deed deden de stuurtjes niks). Na afloop deelde Philip me mee dat mama bang was.

Philip en mama in de auto


Lien had het ondertussen wel zo'n beetje gezien, die kermis. Maar toen zag ik de vliegsimulator! Daar wilde ik wel in. Vooruit dan maar, het mocht van Lien. Met het hele gezin. En het bleek inderdaad reuze leuk! Binnenin werd een filmpje afgespeeld, en het ding bewoog mee, zodat het allemaal heel echt leek. Het was alleen niet een vliegsimulator, maar een soort van auto die over een soort van gletscher reed. Met gigantische ijsblokjes die ontweken werden.

De vliegsimulator


Na de kermis reden we naar huis. Onderweg had Philip het steeds maar over het vliegtuig van de kerstmis (ook al corrigeerde ik hem steeds). En hoe cool dat wel niet was. (Waar heeft hij dat woordje nou weer geleerd?) We besloten om via de pannekoekenboerderij bij Leiderdorp te gaan, maar Philip zei al dat hij daar geen zin in had. Hij wilde liever naar de C1000. “Andere dingen kopen.” (Dat werd verder niet gespecificeerd.) We gingen toch maar naar de pannekoekenboerderij, en Philip weigerde inderdaad om zijn pannekoek op te eten.