zaterdag 22 oktober 2011

Klimmen in de Ardeche - de inleiding

Ik ga alweer heel wat jaartjes elk voorjaar en elk najaar een weekje klimmen in het zuiden van Frankrijk of daaromtrent, met mijn klimvriendjes uit Den Haag. We noemen dat de Rocksport. Maar het is me alweer twee jaar niet gelukt om daar iets over te schrijven op dit blog. Ik heb 't wel geprobeerd, maar er kwam niks leuks uit mijn toetsenbord. Laat ik nu weer eens een poging wagen.

Het reisdoel was dit najaar de Ardeche, waar iedereen voorbij rijdt over de Autoroute du Soleil. Jan, de organisator, had een goed uitgeruste gite gehuurd, vlakbij Privas. En in zijn wervende verhaaltje op de website van de NKBV-regio had hij nog enthousiast geschreven dat het er zo´n twintig graden is overdag, en dat de klimgebiedjes aan riviertjes liggen. De zwemkleding moest dus mee.

Maar ik moet bij het begin beginnen. Afgelopen voorjaar waren we naar de Ecrins, en dat was een geslaagde Rocksport. Fijne rotsen, goed weer, gezellige reisgenoten enzo. Maar ik had, zoals meestal, vrouw en kind thuis gelaten. En die vonden dat toch niet zo leuk. Dus dit najaar besloot ik om ze weer eens mee te nemen. Ik had ze één keer eerder meegenomen. Toen had een andere klimmer ook zijn aanhang (vrouw en baby) meegenomen. Dat was leuk voor mijn aanhang; zo bleven ze niet helemaal alleen achter op de camping.

Dit najaar was er verder geen aanhang. Ik hoopte daarom dat het huisje waar we gingen logeren zo´n beetje op loopafstand van een stadscentrumpje ofzo zou zijn. Want ik kan ze niet zo goed meenemen naar de rotsen, en ze de hele week in een afgelegen hutje laten zitten is ook niet leuk.

Tot zover de inleiding van deze inleiding.

Er waren weinig deelnemers. Er zouden meer mensen mee gaan, maar de één kon op het laatst geen vrij krijgen, de ander had een ziek familielid, en nog zo wat. Er bleven maar zeven klimmers over.

Ik reed in mijn eigen auto, met vrouw en kind, en de anderen gingen in een busje. Het busje was zaterdagochtend vertrokken, zodat ze zaterdagavond bij de gite waren aangekomen. Ik vertrok zaterdagavond en reed de hele nacht door op een kopje koffie en een blikje red bull. Zondagochtend kwamen we helemaal gaar in Privas aan. Waar bleek dat de gite niet op het adres was dat ik op de website van de gite gevonden had.

Na betere bestudering van de website vond ik gelukkig al gauw een ander adres. Althans, een groene stip op een kaartje. De in mijn auto ingebouwde navigatiemachine kende geen straten aldaar, maar het navigatieprogramma van Google Maps wel. Ik stelde de bestemming in, en Google Navigate ging mij enthousiast begeleiden. Het bleek al gauw dat de gite ietwat afgelegen lag. Ik moest al na een paar kilometer van de brede asfaltweg af. De weggetjes werden steeds kleiner, steiler en hobbeliger, tot het niet veel meer was dan een bergpaadje dat maar net breed genoeg was. De breedte (c.q. het gebrek daaraan) was niet het grootste probleem. Ook de steilte lukte nog wel. Maar de keien werden toch echt wel een probleem. Ik vreesde elk moment dat de auto vast zou lopen. Een Prius is echt niet een terreinwagen. Vrouwlief werd ook steeds zorgelijker - en dan druk ik me heel voorzichtig uit.

Uiteindelijk besloot ik maar om Jan te bellen. Ja, ik moest een klein weggetje hebben, met twee strookjes asfalt, voor elk wiel één, en wat gras ertussen. Nou, ik zag geen gras, en al helemaal geen asfalt, dus toen wist ik vrij zeker dat ik verkeerd zat. Het lukte om nog een klein stukje door te rijden, en toen kon ik omdraaien. Na nog een paar keer met Jan te hebben gebeld vond ik uiteindelijk de gite.

De gite lag dus écht wel afgelegen! Eerst een slingerweg vanuit Privas, de bergen in. Na heel wat kilometers en een aantal gehuchten een kleine (maar nog goed berijdbare weg) op. Na drie kilometer kwam het kleine weggetje waar Jan het over had. Dat slingerde zich nog eens drie kilometer de berg op, en toen pas kwamen we bij de gite aan. Het uitzicht was wel erg mooi, maar afgezien van een paar zendmasten was er daar werkelijk helemaal niets, en ook niets in de buurt. Vrouwlief was na een nacht in de auto al niet meer zo lief, en met het vooruitzicht van een week alleen met een kind in een afgelegen hutje vreesde ik voor een ernstige relatiecrisis. Gelukkig had ik de Wii meegenomen, zodat er nog enig vermaak was (in ieder geval voor zoonlief). En na een paar dagen was haar humeur al een stuk verbeterd (vooral omdat ze haar slaaptekort prima kon inhalen, denk ik). Om de pijn te verzachten besloten we uiteindelijk wel om een dag eerder terug te gaan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen