zondag 23 december 2007
maandag 17 december 2007
Verbazing
Soms lukt het me om stomverbaasd te zijn.
Ik heb lang geleden een autootje voor Philip gekocht. Zo’n autootje dat je op (een kleine) afstand radiografisch kan besturen. Voor vijftien euro ofzo, op de Haagse Markt. Toen ik ’m kocht was Philip nog niet eens geboren. Lien vond het maar onzin. Ach, ik zou het onzin gevonden hebben als ze toen al een pop voor hem gekocht zou hebben. Een kind is nou eenmaal de ideale smoes voor een volwassene om speelgoed te kopen.
Voor die prijs mag je natuurlijk niet echt hoge kwaliteit verwachten, dus ik was allang blij dat het ding het nog deed toen Philip oud genoeg was om er een beetje mee te kunnen spelen. Nu, ruim drie jaar later, is het ding op sterven na dood. Er is mee gegooid, mee gevoetbald, op geslagen, mee geslagen, noem maar op. De antenne van de zender was al afgebroken, en is een tijdje geleden helemaal verdwenen. En de antenne op de auto is ook niet meer helemaal zoals ’ie hoort. Om nog maar te zwijgen van alle barsten in de carrosserie, en de ontbrekende onderdelen. Hij deed het dus al een tijdje niet meer.
Vorige week declameerde Philip opeens dat hij met de auto wilde spelen. Dat wil hij wel vaker, en dan is het niet meteen helemaal duidelijk welke auto hij bedoelt. De driewieler waar hij op kan zitten? Of één van de vele modelautootjes? Of zo’n auto bij de supermarkt, waar je voor een halve euro een minuutje in heen en weer geschud wordt, samen met Nijntje, Mickey Mouse, Bert en Ernie ofzo? Of misschien zelfs de auto van papa? Nee, hij bleek de radiografisch bestuurbare auto te bedoelen. Hij pakte namelijk al vrij gauw de afstandsbediening erbij. Ik zei nog dat de auto toch echt kapot was. Philip hield vol dat ’ie het wel deed. Om mijn gelijk te bewijzen zette ik de aan-uit-schakelaar op “aan” en daagde Philip uit om te gaan rijden.
Dus wie schetst mijn verbazing toen het ding gewoon ging rijden? Ik heb ettelijke seconden met mijn mond open gestaan. Iemand had batterijen in de auto gestopt (dat zal Lien wel gedaan hebben). Zolang Philip maar dicht genoeg bij de auto bleef dan kon hij ’m besturen. Dat wil zeggen, de bocht om sturen lukte niet, dat was teveel van het goede; maar de auto wilde wel vooruit en achteruit. Niet snel, maar toch.
Ik heb lang geleden een autootje voor Philip gekocht. Zo’n autootje dat je op (een kleine) afstand radiografisch kan besturen. Voor vijftien euro ofzo, op de Haagse Markt. Toen ik ’m kocht was Philip nog niet eens geboren. Lien vond het maar onzin. Ach, ik zou het onzin gevonden hebben als ze toen al een pop voor hem gekocht zou hebben. Een kind is nou eenmaal de ideale smoes voor een volwassene om speelgoed te kopen.
Voor die prijs mag je natuurlijk niet echt hoge kwaliteit verwachten, dus ik was allang blij dat het ding het nog deed toen Philip oud genoeg was om er een beetje mee te kunnen spelen. Nu, ruim drie jaar later, is het ding op sterven na dood. Er is mee gegooid, mee gevoetbald, op geslagen, mee geslagen, noem maar op. De antenne van de zender was al afgebroken, en is een tijdje geleden helemaal verdwenen. En de antenne op de auto is ook niet meer helemaal zoals ’ie hoort. Om nog maar te zwijgen van alle barsten in de carrosserie, en de ontbrekende onderdelen. Hij deed het dus al een tijdje niet meer.
Vorige week declameerde Philip opeens dat hij met de auto wilde spelen. Dat wil hij wel vaker, en dan is het niet meteen helemaal duidelijk welke auto hij bedoelt. De driewieler waar hij op kan zitten? Of één van de vele modelautootjes? Of zo’n auto bij de supermarkt, waar je voor een halve euro een minuutje in heen en weer geschud wordt, samen met Nijntje, Mickey Mouse, Bert en Ernie ofzo? Of misschien zelfs de auto van papa? Nee, hij bleek de radiografisch bestuurbare auto te bedoelen. Hij pakte namelijk al vrij gauw de afstandsbediening erbij. Ik zei nog dat de auto toch echt kapot was. Philip hield vol dat ’ie het wel deed. Om mijn gelijk te bewijzen zette ik de aan-uit-schakelaar op “aan” en daagde Philip uit om te gaan rijden.
Dus wie schetst mijn verbazing toen het ding gewoon ging rijden? Ik heb ettelijke seconden met mijn mond open gestaan. Iemand had batterijen in de auto gestopt (dat zal Lien wel gedaan hebben). Zolang Philip maar dicht genoeg bij de auto bleef dan kon hij ’m besturen. Dat wil zeggen, de bocht om sturen lukte niet, dat was teveel van het goede; maar de auto wilde wel vooruit en achteruit. Niet snel, maar toch.
Labels:
philip
zondag 16 december 2007
Philip per maand
Philip is elke maand een beetje groter, slimmer, handiger. Elke keer op een andere manier. Ik heb zo goed en zo kwaad als 't ging van elke maand uit zijn leven een foto gekozen en in een online album gezet. Het album heeft zelfs een rss-feed (rechtsonderaan ergens), zodat je de toekomstige foto's ook niet hoeft te missen.
![]() |
| Philip per maand |
Labels:
philip
zondag 9 december 2007
Boulderblessure
Afgelopen vrijdag weer geboulderd bij de Uithof. Een witte vijfplus, die ik een paar weken geleden al gedaan had, moest overnieuw. Want helaas wisten Akshay en Vincent me ervan te overtuigen dat dat kleine greepje, dat op precies de juiste plaats zit, een zwart greepje was dat wit geworden was door overmatig poffen. En dus niet een wit greepje dat wat zwart geworden was door rubber van klimschoentjes. Ondanks dat ‘ie wat lastiger was lukte het me in twee pogingen alsnog.
Vorige week had Akshay uitgelegd hoe een bepaalde zwarte zes moet: “een schoudergreep hier, met je duim helemaal om die greep heen, en dan gewoon omhoog; het is eigenlijk een viertje.” Nou, na heeel veeel keer proberen lukt ‘t me. Het is echt niet een viertje. En Akshay maar vrolijk steeds weer laten zien hoe makkelijk het is. Bah. En als klap op de vuurpijl kwam Akshay ook door de instap van een paarse zesplus die daarnaast zit, terwijl ik daar niet eens in kwam. Gelukkig kwam hij niet veel verder in die route.
Maar wraak is zoet. Aan het begin van de avond kwam ik opeens heel makkelijk door de instap van die paarse zesplus (jammer genoeg niet veel verder). Later probeerden Akshay en ik om Vincent in die “makkelijke” zwarte zes te sturen. Ok, maar dan moest ík die paarse zesplus even laten zien. Dus vol goede moed en zelfoverschatting stapte ik erin. En ik klom ‘m moeiteloos uit! Victorie!
Er zit daar nog een zesplus, een rode. Die vond ik er nogal imponerend uitzien, maar ik had ‘m nog niet geprobeerd. Toen zag ik Vincent en Akshay ermee bezig, en ze kwamen vrij makkelijk tot de helft. Ik besloot mee te doen. Het viel reuze mee! Al na een paar pogingen was ik bijna bij de eindgreep. Helaas liep ik toen een boulderblessure op. Ik hing in een rare draai achterover, en ik moest een verre greep zien te pakken. Dat werd dus een wat ongecontroleerde graai, waarbij mijn hand rakelings langs mijn gezicht scheerde. Alleen ging mijn hand niet helemaal erlangs; ik nam mijn neus en mijn bril mee. Het viel me nog mee dat mijn neus niet uitscheurde. Enfin, nadat ik mijn bril hersteld had probeerde ik ‘m nog een keer, en nu topte ik hem wel. Dubbele victorie, derhalve.
Vorige week had Akshay uitgelegd hoe een bepaalde zwarte zes moet: “een schoudergreep hier, met je duim helemaal om die greep heen, en dan gewoon omhoog; het is eigenlijk een viertje.” Nou, na heeel veeel keer proberen lukt ‘t me. Het is echt niet een viertje. En Akshay maar vrolijk steeds weer laten zien hoe makkelijk het is. Bah. En als klap op de vuurpijl kwam Akshay ook door de instap van een paarse zesplus die daarnaast zit, terwijl ik daar niet eens in kwam. Gelukkig kwam hij niet veel verder in die route.
Maar wraak is zoet. Aan het begin van de avond kwam ik opeens heel makkelijk door de instap van die paarse zesplus (jammer genoeg niet veel verder). Later probeerden Akshay en ik om Vincent in die “makkelijke” zwarte zes te sturen. Ok, maar dan moest ík die paarse zesplus even laten zien. Dus vol goede moed en zelfoverschatting stapte ik erin. En ik klom ‘m moeiteloos uit! Victorie!
Er zit daar nog een zesplus, een rode. Die vond ik er nogal imponerend uitzien, maar ik had ‘m nog niet geprobeerd. Toen zag ik Vincent en Akshay ermee bezig, en ze kwamen vrij makkelijk tot de helft. Ik besloot mee te doen. Het viel reuze mee! Al na een paar pogingen was ik bijna bij de eindgreep. Helaas liep ik toen een boulderblessure op. Ik hing in een rare draai achterover, en ik moest een verre greep zien te pakken. Dat werd dus een wat ongecontroleerde graai, waarbij mijn hand rakelings langs mijn gezicht scheerde. Alleen ging mijn hand niet helemaal erlangs; ik nam mijn neus en mijn bril mee. Het viel me nog mee dat mijn neus niet uitscheurde. Enfin, nadat ik mijn bril hersteld had probeerde ik ‘m nog een keer, en nu topte ik hem wel. Dubbele victorie, derhalve.
Labels:
klimmen
zaterdag 8 december 2007
Abonneren op:
Posts (Atom)
